Header
Bouwjobs Icoon
Werf

Wat als het weer problemen op de werf veroorzaakt?

#Weer
#Weerverlet
#Werf
Vincent Costens

Het weer kan een fikse impact hebben op uw werf. Als het te warm of te koud is, moet u als werkgever de nodige maatregelen treffen. Uw werf kan schade of vertraging oplopen door het weer, wat kan uitmonden in discussies. Waar moet u rekening mee houden? Welke preventieve maatregelen kunt u treffen? Welk verweer heeft u als het toch fout loopt?

Zodra het te warm of te koud is, moet u als werkgever technische en organisatorische maatregelen treffen. Wat te warm of te koud inhoudt, is wettelijk vastgelegd. 

Voor zeer zwaar werk zijn bijvoorbeeld koudemaatregelen verplicht zodra de temperatuur zakt naar 10°C of lager. Voor hitte geldt een andere index, de WBGT. Die houdt niet alleen rekening met de luchttemperatuur, maar ook met de stralingstemperatuur, de luchtsnelheid en de luchtvochtigheid.
Algemeen geldt dat u een passend gezondheidstoezicht moet organiseren voor werknemers die gewoonlijk buiten werken. Kwetsbare personen vergen extra aandacht.

Als het te warm is,
moet u zwaar werk vermijden en arbeid in de volle zon beperken, eventueel met behulp van zeilen of schermen. Laat voorbereidend werk uitvoeren in een correct geventileerd lokaal of atelier. Las voldoende rustpauzes in en serveer gekoelde dranken. Rust werfvoertuigen uit met ventilatie of airco en reflecterende ramen. Een refter moet beschikken over een drinkwatervoorziening en een koelkast. Stel de juiste werkkledij en persoonlijke beschermingsmiddelen ter beschikking.

Als het te koud is,
moet u buitenwerk beperken en voorbereidend werk zo veel mogelijk in een verwarmd lokaal of atelier laten uitvoeren. Verwarmde sociale voorzieningen, voldoende pauzes en gratis warme dranken zijn een must. Gebruik schermen en zeilen als bescherming tegen tocht. Plaats verwarmingstoestellen in open werklokalen en op arbeidsplaatsen in open lucht. Rust werfvoertuigen uit met een cabine met deuren en een goede verwarming. Sanitaire voorzieningen moeten voldoende verwarmd zijn en de refter uitgerust met een opwarmtoestel voor eten en drinken. De werkkledij moet aangepast zijn aan koude en natte weersomstandigheden.

In de bouwsector wordt een onderscheid gemaakt tussen onwerkbare dagen omwille van slecht weer (weerverlet) en verletdagen wegens vorst en blijvende sneeuw (vorstverlet).

Vorstdagen kunnen vallen in de periode van 1 oktober tot 30 april. Constructiv beslist voor 12 verschillende geografische zones welke dagen worden erkend als vorstverlet. Als u aangesloten bent bij Bouwunie, kunt u de vorstperiodes nakijken op het Bouwunie-ledenplatform. Weerverlet kunt u inroepen bij vrieskou, hitte, hevige neerslag of te veel wind. U beslist als aannemer of er kan worden gewerkt. Bij die beslissing kunt u rekening houden met de arbeidskrachten, de aard van de werken en de gebruikte materialen. 

Het spreekt voor zich dat metsel-, grond- of andere buitenwerken niet kunnen worden uitgevoerd als het vriest. Maar evengoed kan de toepassing van bepaalde materialen gebonden zijn aan een minimum- of een maximumtemperatuur. Als de temperatuur lager respectievelijk hoger ligt dan die minima of maxima, is er voor die werken ook sprake van slecht weer.

Hier is er een belangrijk onderscheid, naargelang het om een private opdrachtgever gaat, of u te maken hebt met een overheidsopdracht. Handig hulpmiddel in uw verweer zijn in elk geval de gegevens van Constructiv, en de KMI-weertabellen.

De KMI- weertabellen worden, zoals uitgelegd in vorige vraag, gebruikt als aanduiding van de mogelijke weerverletdagen die niet in aanmerking komen als werkdag voor de berekening van de uitvoeringstermijn. Tabel 15 geeft voor elke dag in een aantal meetstations de temperatuur aan om 7 uur s morgens en de duur van de neerslagperiodes (minimaal 2 uur) tussen 7 en 17 uur. Tabel 16 vermeldt de maximale windstoten (vanaf minstens 10 m/​s) tussen 7 en 17 uur.
Een abonnement op deze tabellen kost circa 175 euro per jaar (via de post) of 350 euro (via e-mail). U kunt dat schriftelijk aanvragen bij het KMI, Operationele diensten, Ringlaan 3, 1180 Ukkel, fax 02 375 12 59, www​.kmi​.be.

Stormweer kan flink wat schade aanrichten op een werf. Puntgevels kunnen omwaaien, dakpannen loskomen, houten dakconstructies bezwijken. Draait u als aannemer op voor dergelijke schade of is die voor rekening van uw klant?

Doorslaggevend is de vraag of de werken wel of niet zijn opgeleverd. Als de werken daadwerkelijk zijn opgeleverd, is de schade in principe ten laste van de bouwheer. Als de werken nog niet zijn opgeleverd, moet u het verlies voor uw rekening nemen. Dat laatste geldt echter niet als u de bouwheer om een oplevering heeft gevraagd en hij, ook na een aanmaning uwerzijds, het vertikte om op uw verzoek in te gaan. Als de oplevering nog niet heeft plaatsgevonden, rust niet altijd de volledige schade per definitie op uw schouders. Als de bouwheer zelf materialen liet leveren en die beschadigd geraken, dan draagt hij als eigenaar het verlies van die materialen.

Als de schade te uwer laste is, neemt u het best contact op met uw verzekeringsmaatschappij. Sommige polissen, zoals de ABR-polis of de brandverzekering (indien het gebouw winddicht is), dekken immers stormschade of schade aan derden, bv. als losgekomen materialen de goederen van een derde beschadigen. In geval van onderaanneming gelden bovenstaande principes voor het specifieke lot van elke aparte onderaannemer.

Na montage mag u de kraan niet meteen gebruiken, maar moet u eerst een controle laten uitvoeren door een externe dienst voor technische controle (EDTC). De controle houdt zowel een administratieve (o.a. CE markering) als een technische keuring (belasting, stabiliteit) in, rekening houdend met de voorschriften van de fabrikant. Nadien moet er elke drie maanden een periodieke keuring door een EDTC gebeuren. 

Voor het gebruik moet u de voorschriften van de kraanfabrikant respecteren. In de hijstabel worden de maximale windsnelheid en windkracht aangegeven. Over het algemeen moet een kraan worden stilgelegd bij een windsnelheid van 70 km/​u. Op basis van zijn ervaring kan de kraanmachinist al bij lagere windsnelheden beslissen dat het werk niet langer veilig kan gebeuren. Bij harde wind moet een kraan als een windvaan in de wind kunnen draaien, omdat ze anders te veel wind vangt en kan omvallen. Daarvoor is ze uitgerust met een aandrijving om de rem voor de windvrijstelling te lossen.

Plaats de torenkraan zo dat het giekuiteinde, de hijskabel en de opgehangen lasten voldoende ver van elektriciteitsdraden verwijderd blijven. Wanneer er verschillende kranen in elkaars buurt staan, worden ze het best uitgerust met een systeem om een mogelijke botsing te voorkomen. Uiteraard mag u de torenkraan nooit voor oneigenlijke doeleinden inzetten, bv. om lasten te verslepen of los te trekken.

Bron: (Bouwunie, 2018)


Vincent Costens

Vincent Costens

Vincent is verantwoordelijk voor de online marketing en de inhoud van de Bouwjobs website. Het creëren van content en het aangaan van de communicatie met onze community is voor hem een dagelijkse bezigheid.

Gerelateerde artikels

Weerverlet Bouw
Bouwsector
#Weerverlet #Zegels #Bouwsector
Wat Te De Doen Bij Hoge Temperaturen In De Bouw
Werknemers
#Weer #Kledij #Bouw
Sneeuw In De Bouw
Bouwsector
#Weer #Bouwsector #Koud